Als je deze strook ziet is het best mogelijk dat onze website niet optimaal functioneert of zelfs niet werkt bij bepaalde onderdelen. Je gebruikt best een recente versie van Chrome, Firefox, Safari of Edge.

Contact | Secretariaat
Martine Pollier
Tempelhof 21, 8000 Brugge
T +32 50 322 420
info@archipelvzw.be

Lezing

Dominique Perrault (FR)

Over eigen werk
Vrijdag
25.10 1991
20:30

Tijdens de reis naar Parijs in mei 1989 hebben we in Marne La Vallée het schitterende Ecole Supérieure d’Ingénieurs ESIEE bezocht. Drie maand later won Dominque Perrault de wedstrijd van la “très grande” bibliothèque de France, het meest omvangrijke presidentieel project in Parijs, en terzelfdertijd het grootste gebouw met een culturele funktie in de wereld.

Tijdens de Archipel-reis naar Parijs in mei 1989 hebben we in Marne La Vallée het schitterende Ecole Supérieure Isiee bezocht.
Drie maanden later won Dominique Perrault de architectuurwedstrijd van “la très grande” bibliothèque de France, het meest omvangrijke presidentieel project in Parijs, en tezelfdertijd het grootste gebouw met een culturele functie in de wereld.

Het gigantisch project, waarvan de werken in 1992 starten en in 1995 voltooid zullen worden, heeft in Frankrijk, maar ook in de internationale pers heel wat controverses uitgelokt door zijn verrassend concept.

Architect Franse bibliotheek: critici hypocriet
“Laat Herman Liebaers en de anderen eerst eens naar de plannen kijken”

Zijn naam wordt door tientallen geleerden uitgespuwd: Dominique Perrault (38). Hij is de architect die twee jaar geleden van de Franse president François Mitterrand de opdracht kreeg om de nieuwe Bibliothèque de France te tekenen. De president zelf koos Perraults ontwerp uit vier projecten die door een internationale jury waren geselecteerd. Voor Perrault leek alles goed te gaan tot de kritiek vanuit de geleerde wereld losbarstte. “Een architecturale mislukking, een schandaal, een nachtmerrie voor boek en bibliothecaris”, zo luidde het. “Een miserabel debat”, reageert Perrrault in een exclusief interview. “Achter hun kritiek gaan elitaire bedoelingen schuil. Het zijn hypocrieten.”

“Ik wil dat mijn tweede septenaat ?(septennaal) afgesloten wordt door de creatie van een zeer grote bibliotheek”, schreef Mitterrand in juli 1988. er volgde een architectuurwedstrijd. 240 architecten boden zich aan, een jury selecteerde vier van de ontwerpen en Mitterrand pikte er het voorstel van Perrault uit. Die zou de très grande bibliothèque bouwen.
De Franse architect was niet aan zijn proefstuk toe. Hij had onder meer het technisch instituut in Marne-la Vallée ontworpen en verwierf bekendheid met zijn Hotel Industiel Berlier in Parijs. Eerdere experimenten met transparantie zette Perrault door in zijn ontwerp voor de bibliotheek.
Perrault wil de tien tot twaalf miljoen boeken onderbrengen in een reusachtig complex dat beheerst wordt door vier torens. Die torens, die in L-vorm gebouwd zijn begrenzen een plein dat de omvang heeft van de Place de la Concorde. “Aanvankelijk zou de bibliotheek slecht de boeken van na 1945 bevatten”, vertelt Perrault. “Maar nadien besloot men om er alle boeken van de huidige Bibliothèqe Nationale, van Gutenberg tot heden in onder te brengen. In mijn ontwerp is er nog plaats voor de volgende 50 jaar aanwinsten.”

Protest

Enkele maanden geleden begonnen allerlei geleerden zich tegen het project te keren. Philip Leighton van de Standford-universiteit boorde het ontwerp de grond in. In kranten en tijdschriften brak er een storm van protest los. Meer dan honderd van Frankrijk grootste geleerden tekenden een open brief aan Mitterrand waarin ze het project “spectaculairement mauvais” noemden. Ook Herman Liebaert, de gewezen hoofdconservator van de Belgische koninklijke bibliotheek veroordeelde scherp het project.
“Ik daag Liebaers en die andere critici uit om te komen kijken naar de plannen” reageert Dominique Perrault. “Hij en de anderen kunnen dan spreken met de ingenieurs en de architecten. Nu baseren ze hun oordeel op een foto van een maquette.”
“De geleerden zouden dan zien dat de boeken niet in glazen torens zitten. De boeken die in de torens zitten zijn afgeschermd van het licht. Ze zitten als het ware in grote dozen. Je moet in die torens boeken en mensen laten samenleven. De boeken zitten in het donker, de magazijniers en bibliothecarissen die er voortdurend werken, in het daglicht.”
“Indien de critici de plannen terdege bekeken, zouden ze ook zien dat de lezers niet onder de grond worden gesopt, zoals ze beweren. De leeszalen, die onder het grote plein zitten, kijken uit op de binnentuin die even groot is als twee voetbalvelden achter elkaar!”

Van De Velde

Critici zeggen dat bibliotheektorens totaal achterhaald zijn, dat het transport met liften en de klimatizatie voor problemen zorgen.
“De grond in Parijs is duur. Je moet dus een deel van je boeken in torens stoppen, zo niet heb je geen plaats voor de lezers. Het alternatief is bouwen zonder torens. Dan zet je een dinosaurus in de stad, een enorme blok. Of je draait het hele zaakje om en je steekt de torens in de grond. Dan behoud je de toren, alleen zie je ze niet. Ze zitten in het water.”
“Overigens verwijzen de critici steeds naar oude torens. Van De Veldes toren in Gent is vijftig jaar oud. De toren van de bibliotheek van Austin in Texas is dertig jaar oud. Er is inmiddels heel wat gebeurd.”

“Wat het transport betreft van boeken met liften, snap ik de discussie niet. Dat is een discussie over de vraag wat nu het snelst gaat: een transportband of een lift. Overigens is geen enkel boek verder dan 20 minuten van de meest afgelegen leeszaal verwijderd.”

“Op het vlak van de klimatizatie zijn er dusdanig strenge veiligheidsmaatregelen dat de kans dat er iets mis loopt, even groot is als met een landingsgestel van een vliegtuig. Bovendien is heir al een voordeel van het gebruik van torens: één klimatizatie-eenheid kan één toren bedienen. Met de vier eenheden worden 260 kilometer rekken bediend. Voor diezelfde oppervlakte heb ik in de sokkel van het gebouw vier keer zoveel eenheden nodig. Komt erbij dat de torens verse lucht “plukken” op 100 meter boven de grond, wat verversingsproblemen oplost.”

Ook de kritiek op een snelheid waarmee de bibliotheek gebouwd wordt, wijst Perrault van de hand. “Kijk naar de nieuwe National Library in London. Daar construeren ze in dertien jaar 130.000 vierkante meter voor 27 miljard fr.. Wij bouwen 260.000 vierkante meter voor 31 miljard fr.. De helft goedkoper”.

Maar hoe verklaart u dan de kritiek vanuit de geleerde wereld?
“Het is grotesk dat leden van de Academie mensen van het Collège de France en Nobelprijswinnaars discussiëren over de klimatizatie van de toren, of over de vraag of nu een lift dan wel een transportband het beste is. Achter die pseudo-technische en pseudo-architecturale argumenten gaat een ander probleem schuil. Emmanuel Le Roy Ladurie, de huidige hoofdbibliothecaris van de BN, en de zijnen willen de bibliotheek voor de vorsers houden. Zij willen een bibliotheek voor specialisten, erger nog, een elitaire bibliotheek waar geen plaats is voor de gewone lezer. Als ze erin slagen om de boeken uit de toren in de sokkel te krijgen, komen die in de plaats van de 2.000 gewone lezers. Dat is tegen het concept van de president, die juist een democratisering van de cultuur en de boeken wilde. Het zijn mensen met kwade bedoeling, zij zijn hypocriet.”

Wat vindt Mitterrand zelf van de kritiek op het project?
“Il s’en fout. Hij wil zich niet bezighouden met liften en transportbanden.”

Peter Vandermeersch.