Als je deze strook ziet is het best mogelijk dat onze website niet optimaal functioneert of zelfs niet werkt bij bepaalde onderdelen. Je gebruikt best een recente versie van Chrome, Firefox, Safari of Edge.

Contact | Secretariaat
Martine Pollier
Tempelhof 21, 8000 Brugge
T +32 50 322 420
info@archipelvzw.be

Lezing

META architectuurbureau

Krachtige basisinstrumenten
Donderdag
19.03 2009
20:30

‘Meta’ staat in het Nederlands vooral bekend als een taalkundig voorvoegsel zoals bij de begrippen metafysica en metacommunicatie. In van Dale staat het vierletterwoord dan ook omschreven als ‘handelend over het in het grondwoord genoemde’.

Lezing door Niklaas Deboutte en Eric Soors over eigen werk. ‘Meta’ staat in het Nederlands vooral bekend als een taalkundig voorvoegsel zoals bij de begrippen metafysica en metacommunicatie. In van Dale staat het vierletterwoord dan ook omschreven als ‘handelend over het in het grondwoord genoemde’. Tja, in onze taal: het gaat een abstractieniveau hoger dan het betreffende onderwerp. Zo is meta-architectuur de architectuur over de architectuur.

In het oude Grieks heeft het de betekenis van meerdere voorzetsels zoals mede, naast, tussen, achter en boven. Het beeld dat hierbij in ieders gedachte opkomt, is iets van allerlei kanten bekijken of er boven hangen. In het Spaans betekent ‘meta’ ‘doel’, terwijl het in het Italiaans slechts de ‘helft’ is. Hoewel META Architectuurbureau de naam zeventien jaar geleden, onder impuls van Erik Wieërs, vooral vanuit de Griekse betekenis heeft gekozen, blijken alle bovengenoemde betekenissen toepasbaar op het werk van deze Antwerpse architectengroep. De korte en krachtige naam vol betekenis biedt dus de mogelijkheid om een eigen taal te maken.

Volgens de tendens om elke architect in een stijlstroming of ‘schuifje’ te stoppen, krijgt META Architectuurbureau veelal de stempel van ‘brutalistisch’. Het keurmerk is echter niet geheel onterecht. Zelf geven Niklaas Deboutte en Eric Soors aan zich te laten inspireren door het brutalisme. Dit door Le Corbusier geïntroduceerde begrip had oorspronkelijk betrekking op het gebruik van ruw, onbekleed beton en werd in Groot-Brittannië vooral door de Smithsons en in Nederland door Van den Broek en Bakema toegepast. Het brutalisme staat voor een architectuur die recht doet aan het materiaal in zijn onbedekte vorm en de functionele relaties daardoor direct zichtbaar maakt. Reyner Banham karakteriseerde brutalistische projecten uit het einde van de zestiger jaren als in hoge mate autonome bouwwerken die in zekere zin rauw en agressief zijn door hun massa, zwaarte en plasticiteit. Niet echt comfortabel, wel zeer bruikbaar in een tijd dat de bouwwerken nog haarden waren van revoluties. Gebouwen die bestand waren tegen een stootje, waar aangeplakt papier niet stoorde, je door ramen naar binnen kroop, er sliep en een brandje geen kwaad kon.

Hoewel meer verfijnd en een stuk eleganter, voelen de casco gebouwen van META even degelijk en tegelijk teugelloos aan. (Hoogwaardige) ruwbouw staat voor Deboutte en Soors gelijk aan afbouw. ‘Meta’ of ‘half’. Binnenwanden zijn niet voorzien, maar wel elektriciteit, installaties en afgewerkte gemeenschappelijke delen. Samen met een uitgesproken materialenkeuze resulteert dit in gebruiksvriendelijke, vrij in te delen, tactiele monolieten zoals met name woning Cartuyvels en schoenenwinkel Pedico.

Beide zijn het tevens gebouwen die met liefde worden geleefd en onderhouden. Dit onderschrijft de opvatting van META Architectuurbureau dat hun opdrachtenportefeuille niet is samengesteld volgens een welomschreven programma, maar eerder omwille van de bouwheer. Deboutte en Soors tekenen voor projecten waarvan is aan te voelen dat ook de gebruiker een absolute meerwaarde kan geven aan de architectuur, net zoals zij als architect een meerwaarde hebben gegeven aan het leven van de gebruiker. Met bijzonder veel ‘meta’ of ‘doel’.

Hoewel iedere opgave een eigen eisenpakket, programma, opdrachtgever en specifieke locatie kent, is in de projecten van META duidelijk dezelfde aanpak en formulering tot oplossingen te bespeuren. Vanuit gelijklopende, of ‘meta’ bezorgdheden is voor elk project een eenvormig, ‘meta’ concept ontstaan. Voor de appartementen in de Verbondstraat bijvoorbeeld en het kantorenblok De Natie is de dieperliggende betekenis van de opzet te vinden in de uit de pan rijzende prijzen voor stedelijke percelen. Densiteit creëren is hierbij de enige haalbare kaart. In de Verbondstraat zijn op het erg kleine perceel van 100 m2 drie appartementen over zes bouwlagen gespreid en de Natie biedt plaats aan vijf kantoren per niveau, waarvan de begane grond en de tweede verdieping zijn ingenomen door Vitrapoint1.

Opdat kostelijke stedelijke gebouwen de concurrentie zouden kunnen aangaan met het landelijke wonen, werken en vertoeven, besteedt META terecht veel belang aan de buitenruimte. Hierbij wordt behalve in eerder aangehaalde projecten, ook bij werkhuizen MIN, de nadruk gelegd op ruime, ‘meta’ terrassen in plaats van kleinschalige balkons die eerder de illusie van buitenruimte oproepen en tenslotte alleen worden gebruikt voor een buxus, de vuilniszak en als buitenkoelkast voor drank tijdens de wintermaanden.

Een richtlijn van de architecten is dat zes personen, comfortabel gezeten rond een tafel, in de zomer moeten kunnen genieten van een barbecue. Deze niet onbelangrijke, hedonische insteek vertaalt zich consequent in de vertrapte gevels van de verscheidene projecten.

Behalve de overkoepelende bezorgdheden van de architecten Deboutte en Soors in laatstgenoemde projecten, zijn het in het bijzonder de grote lijnen, het (soms poëtisch) pragmatisme, de eenvoud en de hardheid eerder dan het raffinement die zorgen voor de enorme kracht in hun ontwerpen. Zonder zichtbaar scherpe dialogen of conflicten, maar met een prettig subtiele aanpak en bijna te verzilveren neutraliteit, gaat META herkenbaar te werk om stad en platteland leefbaar te houden vol onverwachte marges.

Tot slot nog even enkele woorden over schoenenwinkel Pedico, waar de Archipellezing doorgaat. In ‘Jonge Architecten in Vlaanderen’, een uitgave van Ludion uit 2001, werd het majestueuze gebouw door Koen Van Synghel als volgt omschreven: “Intrigerend aan dit gebouw is de dubbelzinnigheid van de massieve, solide verschijningsvorm van de betonnen sculptuur enerzijds en de efemere lichtheid van de betonnen vlakken van het gebouw anderzijds. In het interieur zorgen de daklichten voor een bijna transcenderende lichtheid van het beton. Maar vooral op stedenbouwkundig vlak werkt de dubbelzinnigheid van ‘afwezige aanwezigheid’ fascinerend. Want precies door de uiterste spanning tussen de bewuste bezetting van een plek met een tastbare, niet te ontwijken architectuur en de verdwijning van de architectuur ten voordele van een collectief landschap, is dit betonnen gebouw lichtvoetiger dan de naburige, traditionele ‘lichte’ constructies in baksteen en metalen golfplaten. Een paradox, maar een effect dat de META-architecten wel meer bereiken met hun zelfverzekerde architectuur.” De afstand tussen Scherpenheuvel en Brugge, de thuisbasis van Archipel, is 165 km, maar het is de bedevaart meer dan waard.

Dominique Pieters